Blogs

  • Destructie

    In mijn vorige blog hamerde ik op het bevragen van de fundamenten. De ‘destructieve’ methode à la Heidegger spreekt mij heel erg aan.

    Dan komen we nu alweer bij een volgende vraag, als we ons gaan richten op destructie: destructie van wat precies?

    Gaat om het afbreken van ons ‘alledaagse’ wereldbeeld, of van het zogenaamd ‘objectieve’ wetenschappelijke wereldbeeld? Of gaat het om het weerleggen van de metafysische systemen van voorgaande filosofen?

    Het gevaar bestaat (waar ik in de vorige blog al op gehint heb) dat ik in een begrippen-oorlog beland, daarbij zelf alle begrippen ga weerleggen, en zelf nieuwe begrippen introduceer. Deze vormen op hun beurt weer voer voor critici na mij, waardoor de strijd met woorden eeuwig doorgaat.

    Juist om die reden is het belangrijk om niet alleen een negatieve (destructieve) methode te hanteren, maar ook een positieve (waarderende) methode. De vele voorgangers die ik beoog te bekritiseren, moet ik ook leren te waarderen. En om ze überhaupt te kunnen beoordelen, moet ik meer te weten komen over hun stellingen.

    Ik heb evenwel niet de illusie dat ik op korte termijn ook maar een van de grote filosofen volledig ga doorgronden. Wel is het zo dat hoe meer ik lees en schrijf, hoe meer gedachtegangen ik vind (bij mezelf en bij anderen) die kunnen helpen bij het hoofdwerken de vraagstelling.

    Dit wordt een heel lang traject. Het zal, zoals eerder genoemd, meer een kwestie worden van continu vragen stellen dan van het uitwerken van een systeem.

    Het voordeel dat ik mezelf gun, is dat ik compleet vrij ben om mijn invalshoek te kiezen. Ik hoef niemand iets te bewijzen, en ik hoef deze of gene filosoof niet op te hemelen. Toch blijft het belangrijk, voor de academische en analytische kwaliteit, dat iedere filosoof, ieder werk, zelfs ieder relevant argument, onder een vergrootglas wordt gelegd. Wat klopt er wel, wat klopt er niet? Kan ik de gedachtegang volgen, kan ik het gebruiken voor mijn eigen analyse.

    Ergo, destructie is zeker belangrijk op zijn tijd (en scepsis is altijd gezond), maar het is geen heilige graal. Het is slechts een van de hulpmiddelen uit de gereedschapskist.

    Ook al is dit nog het begin van het traject, het is nu zaak om wat kaders te schetsen voor het hoofdessay. De omgekeerde piramide, voor de volgende blog.

  • Fundamenten

    Nu ik in aanraking ben gekomen met Arthur Schopenhauer, en mijn vorige teksten heb herlezen, zie ik een aantal belangrijke onderwerpen terugkomen.

    De eerste is de tegenstelling tussen subject en object. Daar hangt de vraag mee samen of er zoiets bestaat als ‘objectieve’ kennis. Vooral door het lezen van en over Heidegger en Schopenhauer zit ik zelf heel erg aan de kant van het scepticisme: er bestaat geen objectieve kennis, en alles is subjectief.

    Deze stelling kan evenwel niet als doel dienen voor een essay of voor deze blogreeks. Wat wel mogelijk is, is om deze stelling te blijven bevragen of aan te vallen, in de vorm van these en antithese.

    Voor nu blijven er twee vragen hangen, die elk tot een uitgebreide analyse gaan leiden:

    • Is er ‘objectieve’ kennis?

    • Is er een ‘objectief’ zijnde (een Ding an sich, zoals Kant het verwoordde)?

    Dit zijn echter twee verschillende domeinen (namelijk kentheorie en ontologie). Toch, om een ‘objectief’ zijnde te kennen, moeten we ons beroepen op de kentheorie.

    Hoe gaan we dan voorkomen dat we in een vicieuze cirkel belanden, en continu een beroep doen op reeds bestaande en verwarrende begrippen, terwijl we alle analyses van voorgaande filosofen recyclen?

    Dan komen we weer terug op de vermoedelijke hoofdvraag van het project, namelijk: wat is ‘zijn’?

    Wat al mijn ervaringen met filosofische en andere auteurs me geleerd hebben, is dat het belangrijk is om terug te gaan naar de basis: het heeft geen zin een bouwwerk te bouwen als het fundament nog niet gelegd is.

    Ik ben opnieuw sceptisch: de fundamenten die wij hanteren, in onze persoonlijke leefwereld, de hedendaagse filosofie en wetenschap, de media et cetera, zijn geen fundamenten. Naar de ‘echte’ fundamenten moet opnieuw gezocht worden. Deze houding is evenwel niet nieuw (hij kwam ook aan de orde bij Heidegger en Schopenhauer). Laatstgenoemde auteurs kwamen met een oplossing of systeem, waarvan de kernen vormden: het Dasein van Heidegger en de wil van Schopenhauer.

    Er schuilt nu enige ironie in mijn project: ik probeer de twee genoemde filosofen te kopiëren en volledig onderuit te halen. Ik wil dezelfde denkwegen volgen, om vervolgens er zijwaarts tegenin te beuken.

    Het doel is niet om een volledig nieuw systeem op te tuigen, dat op zijn beurt weer als voer kan dienen voor volgende generaties metafysici (als die er komen). Het doel is de vraag te stellen, die vragen te stellen, die zelden meer gesteld worden. Dat is ook de reden waarom ik zoveel ruimte besteed aan de vraagstelling.

    Als de juiste vraag en/of vragen opnieuw gesteld zijn (over het zijn en over kennis), dan kan dat mogelijkerwijs leiden tot een bevredigend antwoord. Het antwoord of de conclusie is echter niet het doel. Er zijn in dit leven helaas alleen maar vragen en geen zekere antwoorden.

    Ondanks deze sceptische houding wordt dit hopelijk een interessante analyse. De weg kan ons opnieuw laten verwonderen, en opnieuw met andere ogen laten kijken naar de wereld.

    Een reis van duizend kilometer begint met een stap. Die is nu gezet.